VIERKANT IN VERBEELDING


Mijn Werk als beeldend kunstenaar

In het jaar 1973 ben ik begonnen met mijn opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten te Utrecht. In 1976 ben ik voor deze opleiding een jaar naar Parijs gegaan om een zogenoemd stagejaar te volgen aan de école des Beaux-Arts et Métier d'Arts.

Gedurende mijn studie werd het voor mij snel duidelijk dat ik me door geconstrueerde- en mathematische vormen aangetrokken voelde. Ik was gefascineerd door ondermeer de Stijlgroep, Bart van der Leck, Piet Mondriaan, Vilmosz Huszar en Theo van Doesburg. Later heb ik grote bewondering gekoesterd, en nog, voor het werk van Jan van Schoonhoven en Ad Dekkers. Ook vormgevers als Frans van Nieuwenborg en Emmy van Leersum leerde ik kennen.

Met die achtergrondkennis zou ik me later gaan bewegen in de voetsporen van de, voor mij grote kunstenaars, zoals eerder genoemd.

Ik was een keer met medestudenten op de begraafplaats Père la Chaise in Parijs aan het schetsen. De vele “tombes” trokken mijn aandacht. Zij hadden voor mij een logische vorm. De schetsen vertaalde ik later bij de lessen keramiek, waar ik een grote tombe maakte van chamotte (boetseerklei). Helaas was de vorm te groot en kon deze niet gebakken worden (of de oven was te klein).

 

                                                         

Van de zogenoemde volkstuinhuisjes, die in Nederland overal te vinden zijn, heb ik veel schetsen gemaakt. De huisjes waren meestal van afvalhout in elkaar gezet. Ik beleefde veel plezier aan de ogenschijnlijke onbeholpenheid van deze bouwsels. Voor mij hadden ze iets poëtisch. Met het thema “volkstuinhuisjes” voerde ik mijn schetsen uit in o.a. de emailletechniek.

 

                                                    

 

                                                                 

De tombes en de volkstuinhuisjes bleven voor mij slechts rechthoeken, vierhoeken en kubussen zonder meer.

 

Gemotiveerd en met veel enthousiasme verliet ik in 1978 de academie na cumlaude te zijn geslaagd, zo luidde althans het eindverslag van mijn eindbeoordeling, en begon ik aan mijn leven als kunstenaar.

Ik was 40 jaar, een laatbloeier zogezegd.

 

Geboeid door het vierkant wist ik dat ik veel werk zou gaan maken. Een bewuste of onbewuste ontvankelijkheid voor die richting?

Voorbeeld:

Een vierkant van 5 x 5 cm. Het diagonaal hiervan is ongeveer 7 cm.

Ik kwam uit op de getallen 5, 2 en 7. Met die getallen 5, 2 en 7 heb ik 64 kubussen geconstrueerd van 7cm.

Op de zes vlakken van de kubussen zette ik figuren van 5 x 5cm, 2 x 2cm en 2 x 5cm en schilderde deze in de primaire kleuren (rood, blauw, geel) en wit.

Tevens maakte ik 64 kubussen van 7cm, die samen één grote kubus vormden van 28cm.

 

          



 

In een volgende periode ben ik begonnen aan een concept dat ik voor mijn huidige ontwerpen gebruik.

Zo ben ik uitgekomen op 64 verschillende basisconcepten.

Deze concepten gebruik ik om tot vorm te komen. Het blijft een eindeloos spel van zoeken naar de voor mij goede composities.

Mijn ontwerpen schilder ik op doek variërend in formaat van 100 cm2, 150 cm2 en zo meer.

In mijn werk ben ik op zoek naar evenwicht, ritme en muzikaliteit.